5 FEBRUARI 2002. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikelen 3, tweede lid, en 7, § 1, derde lid, van de wet van 5 september 2001 tot verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers. - (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 26-02-2002 en tekstbijwerking tot 31-12-2002.)
Art. 1-3
Artikel 1. De volgende werkgevers worden onttrokken aan de toepassing van Hoofdstuk II van de wet van 5 september 2001 tot de verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers :
1° a) het Rijk, met daarin begrepen de rechtelijke macht, de Raad van State, het leger en de federale politie;
b) de gemeenschappen en de gewesten;
c) de Vlaamse Gemeenschapscommissie, de Franse Gemeenschapscommissie, en de Verenigde Gemeenschapscommissie;
d) de instellingen van openbaar nut en de openbare instellingen met uitzondering van openbare kredietinstellingen (en de autonome overheidsbedrijven bedoeld in artikel 1, § 4, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, wat betreft de werknemers tewerkgesteld in de zin van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten); <KB 2002-12-09/33, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2001>
e) de gesubsidieerde vrije onderwijstellingen, met daarin begrepen het universitair onderwijs;
f) de diensten voor school- en beroepsoriëntering en de vrije psycho-medico-sociale centra;
g) de provincies, de verenigingen van provincies en de instellingen ondergeschikt aan de provincies;
h) de gemeenten en de verenigingen van gemeenten;
i) de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de verenigingen van openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de intercommunale centra voor maatschappelijk welzijn;
j) de korpsen van de lokale politie, zoals bedoeld bij de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus;
k) de wateringen en de polders;
2° de beschutte werkplaatsen en de revalidatiecentra die afhangen van een gemeenschaps- of gewestfonds en/of -instelling voor de sociale reclassering van mindervaliden of van zijn rechtsopvolgers.
Art.2. Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2001.
Art. 3. Onze Minister van Werkgelegenheid en Onze Minister van Sociale Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 5 februari 2002.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX
De Minister van Sociale Zaken,
F. VANDENBROUCKE.